REPORTAGE AANPAK OBS DE ROBBEDOES VAALS: NEDERLANDS ALS TWEEDE TAAL

OBS de Robbedoes
OBS de Robbedoes

Basisschool de Robbedoes in Vaals heeft de laatste jaren, net als veel andere scholen, te maken met een toename van het aantal leerlingen dat bij instroom de Nederlandse taal niet of nauwelijks beheerst. OBS de Robbedoes koos ervoor om het extra budget dat de overheid hiervoor beschikbaar stelt, in eerste instantie niet in te zetten voor tijdelijke versterking van de leerkrachten in de klas. In plaats daarvan kozen zij voor een duurzame oplossing, waarbij gewerkt wordt met het coachen van vrijwilligers. Wij namen een kijkje bij OBS de Robbedoes om ons te laten bijpraten over deze unieke aanpak!

Een duurzame oplossing

Directeur Ron Offermans en intern begeleidster Nicole Verlinden vertellen met trots over de aanpak die hun school heeft ontwikkeld voor leerlingen van buitenlandse komaf, die de Nederlandse taal onvoldoende beheersen. “Ons uitgangspunt was de vraag hoe kunnen we deze kinderen én hun ouders het beste begeleiden?”, zo vertelt directeur Ron. “In plaats van het budget van het Rijk te investeren in tijdelijke versterking in de klas, hebben we gekozen voor een oplossing die jaren mee gaat. Van dat geld hebben we namelijk een leerkracht ingezet die een drietal vrijwilligers heeft gecoacht. Deze vrijwilligers leveren nu op verschillende manieren hun bijdrage en dat werkt erg goed!”, aldus directeur Ron.

Ouders aan zet!

“Elke dinsdagochtend is er een ‘inloopsessie’ voor ouders van kinderen uit groep 1, 2 en 3 die de Nederlandse taal onvoldoende beheersen. In deze sessie nemen de vrijwilligers de lesstof die hun kinderen die week zullen gaan behandelen, met ouders door. Zodoende leren deze ouders het Nederlandse onderwijssysteem kennen, ze verbeteren hun eigen taal én ze kunnen thuis met hun kind oefenen. Op deze manier worden de leerlingen door hun ouders voorbereid op hetgeen in de klas aan de orde komt. Een vorm van pre-teaching dus”, legt Nicole uit. Daarnaast krijgen alle leerlingen van buitenlandse komaf (van groep 1-8) extra aandacht van hun leerkracht om hun taalontwikkeling te stimuleren. Klasgenoten worden ingezet als buddy. En de leerlingen worden één keer per week individueel of in kleine groepjes ondersteund door de vrijwilligers Annemie en Carla. “We merken dat de kinderen door deze aanpak de zaken die in de les aan de orde komen, herkennen en dus ook sneller oppakken”, aldus Nicole (intern begeleider).

Alle begin is moeilijk

“In het begin is het natuurlijk heel moeilijk voor zowel de kinderen, hun ouders en leerkrachten. Maar de inzet en ambitie van deze kinderen is enorm. Je ziet ze groeien. Niet alleen qua taal, maar ook sociaal-emotioneel. Dat is mooi om te zien. We hebben bijvoorbeeld een jongen uit Polen, die sprak geen enkel woord Nederlands toen hij een aantal jaar geleden bij ons op school kwam. Hij zit nu in de bovenbouw en doet het goed. Als je hem dan af en toe van die typische Limburgse uitspraken hoort zeggen, iets van ‘auw wië’ of zo, dat is toch prachtig?”, lacht directeur Ron.

“Ook ouders zie je een ontwikkeling doormaken. Voor sommigen is de drempel om naar de inloopsessies te komen in het begin heel hoog. Beetje bij beetje bouw je aan een band en aan vertrouwen. Het geeft voldoening als je na verloop van tijd ziet dat het deze mensen goed gaat.” 

Dankbaar

Tijdens ons bezoek aan de Robbedoes op dinsdagmorgen spreken we ook moeder Hiba. Zij komt uit Irak en woont samen met haar vier kinderen bijna 10 jaar in Nederland. Hiba komt sinds twee jaar vrijwel elke week naar de inloopsessie. “Het is goed voor mijn kinderen en goed voor mezelf. Na school kan ik met mijn kinderen oefenen en zo leren we van elkaar”, vertelt Hiba wanneer ze gevraagd wordt waarom ze gebruik maakt van dit aanbod. “Hoe meer contact je hebt, hoe meer durf je hebt”, vervolgt ze haar verhaal. “Als je de taal beheerst, is het makkelijk om hulp te vragen of afspraken te maken voor school, voor alles… ik ben dan ook zeer dankbaar!”

Weer terug op de Robbedoes!

Eén van de vrijwilligsters, Carla, is 30 jaar onderwijzeres geweest, waarvan 20 jaar op de Robbedoes. “Na mijn pensioen miste ik de kinderen. Niet de computers en het papierwerk, maar wel de kinderen. Daarom geniet ik er nu ook zo van dat ik dit werk kan doen!”, vertelt Carla met een glinstering in haar ogen. Ook de andere vrijwilligster, José, haalt veel voldoening uit haar werk. “Wat ik het mooiste vind aan dit werk? Dat de mensen blij zijn en uitspreken er echt iets aan te hebben.

Spelenderwijs

En ook de leerkrachten zij blij met deze aanpak. Juf Isabelle van groep 1-2 en NT2 coördinator, vertelt. “Ik ben heel blij dat ouders deze ondersteuning krijgen. In de landen waar deze mensen vandaan komen, wordt het onderwijs vaak op een heel andere manier vormgegeven. Daarom is het zo belangrijk dat deze ouders gaan begrijpen hoe kleuters in Nederland les krijgen. Wij doen heel veel spelenderwijs (werken met de methode ‘Speelplezier’) en juist dat is voor veel ouders nieuw. Groep 1 en 2 heeft ook elke ochtend een ‘meespeelkwartier’. Ouders mogen dan meespelen. Dat is een heel laagdrempelige manier om contact te stimuleren. Tussen de kinderen en de ouders onderling, maar ook tussen ons als leerkrachten en de ouders.  Zo kunnen we ze makkelijk ‘speltips’ geven of nog even terugkomen op de lesinhoud. Dat laagdrempelige werkt juist voor deze groep heel erg goed!”

MEER INFORMATIE