HELP, MIJN KIND IS BAZIG! 6 TIPS

Als je kind erg bazig is en er moeilijk mee om kan gaan als dingen niet op zijn/haar manier verlopen, kan dat voor wrijving zorgen in het contact met leeftijdsgenootjes. Want andere kinderen zijn er niet altijd van gediend om gecommandeerd te worden of steeds te moeten volgen. Hierdoor kan er makkelijker ruzie ontstaan. Als je als ouder bezorgd bent dat vriendjes en vriendinnetjes op een gegeven moment niet meer met je kind willen spelen door zijn/haar bazige gedrag, kunnen deze tips helpen om je kind hierin te begeleiden!

Tip 1: Veroordeel het bazige gedrag niet

Hoewel je het dominante gedrag van je kind misschien een vervelende eigenschap vindt, is het belangrijk om dit gedrag richting je kind niet te veroordelen. Het helpt je kind niet om steeds tegen hem te zeggen dat het altijd de baas speelt of dat het niet goed samen kan spelen. Je kunt je kind daarmee onbedoeld onzeker maken. En in sommige gevallen komt bazig gedrag juist voort uit onzekerheid; en is het een manier voor je kind om controle te houden op de situatie. Het kan namelijk zijn dat je kind niet goed weet hoe het invulling moet geven aan het contact met leeftijdsgenootjes en daarom ‘kiest’ voor deze houding. In plaats van je kind hierin af te wijzen, is het beter je kind te helpen om vaardigheden te leren om het anders te doen.

Tip 2: Geef je kind inzicht

Ook al is je kind nog jong, het is goed je kind proberen inzicht te geven in het eigen gedrag. Vaak helpt dit om gedrag te laten veranderen. Dit kun je bijvoorbeeld doen door je kind te laten inzien hoe het is voor de ander als de een steeds bepaalt. Hoe zou je kind het vinden wanneer het zelf ergens ging spelen en dat kindje wilde steeds alles bepalen? Hoe komt het over als je op die toon tegen de ander praat? Als je met z’n tweeën gezellig wil spelen, is het dan niet leuker om samen te bepalen wat je wil gaan doen? Denk je niet ook dat je het leuker hebt samen als jullie ook af en toe een spel doen dat de ander kiest?

Tip 3: Oefen samen

Je kunt je kindje helpen om beter te leren overleggen en rekening houden met de wensen van de ander door dit bewust met je kind te oefenen. Als jullie samen gaan spelen, kunnen jullie bijvoorbeeld eerst samen ideeën bedenken over wat jullie zouden kunnen gaan doen. En vervolgens om de beurt kiezen welke activiteit jullie willen gaan doen. De ene keer mag je kind als eerste kiezen, de andere keer kun jij als eerste kiezen.

Tip 4: Help je kind op weg

Ook als een kindje komt spelen kun je je kind helpen om het samenspelen vlotter te laten verlopen. Min of meer volgens hetzelfde principe; vraag beiden kinderen drie dingen te noemen die ze leuk zouden vinden om te gaan doen. Je kunt ze opschrijven en nummeren van 1 tot 6. Laat de kinderen om de beurt dobbelen om te bepalen welke activiteit ze het volgende kwartier gaan doen. Mocht het bepalen van wie als eerste mag dobbelen ook tot discussie leiden; kun je het lot laten beslissen met kop of munt!

Tip 5: Bekijk het positief

Je kunt bazig gedrag zien als een negatieve eigenschap, maar ook als een teken dat je kind over leiderschapskwaliteiten beschikt, die nog een beetje gepolijst moeten worden 😉 Zo bekeken zegt het bazige gedrag dus ook iets over de kwaliteiten van je kind, zoals staan voor wat je belangrijk vindt, beslissingen nemen, anderen overtuigen. Wat je kind nog moet leren, is deze kwaliteiten op een andere manier of meer gedoseerd in te zetten, waardoor ze beter rekening kunnen houden met de wensen van de ander. Eens ze dat onder de knie hebben, zijn het leiders in de dop!

Tip 6: Oefenen met ‘de leider’ zijn

Bij kleuters is dit nog wat te abstract, maar als je kind al wat ouder is, kun je ook praten met je kind over deze twee kanten van de medaille. Je kunt je kind uitleggen dat ‘de baas spelen’ ook een mooie kwaliteit is, omdat dit betekent dat je veel ideeën hebt en goed leiding kunt geven. Voeg daaraan toe dat een goede leider ook rekening houdt met wat anderen willen. En dat een goede leider ervoor zorgt dat iedereen het naar z’n zin heeft. Je kind wil vast een goede leider zijn. Vraag je kind hoe het erachter zou kunnen komen wat de ander wil en hoe het ervoor kan zorgen dat iedereen het naar z’n zin heeft. Laat je kind oefenen met op deze manier ‘leider’ te zijn en geef je kind complimenten als het lukt het op deze manier te doen.

Bron: Apetrotsekinderen.nl

We hopen dat deze tips je geholpen hebben. Wil je meer weten of heb je nog vragen? Chat met ons! We denken graag met je mee.

MEER INFORMATIE